In een interview met Wendela Kuper, senior beleidsmedewerker op het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heb ik het een en ander nagevraagd over het nieuwe beleid van de overheid met betrekking tot de vechtsportsector. Want waarom is er nou nog steeds niet één grote kickboksbond maar is het aantal bonden nog groot?

Vanuit de kickbokswereld wordt hard geroepen voor de noodzaak om één universele bond op te richten met universele regels. Ook is er volgens Wendela uit gesprekken met de belangrijke spelers binnen de kickbokswereld maar ook met NOC*NSF en de overheid naar voren gekomen dat de sport een stukje goed management mist ‘op sommige plekken’.

‘De sport heeft op managment gebied hulp nodig’

Op dit vlak heeft de sport hulp nodig aldus Wendela, en die komt er. Toch interessant dat de vechtsportwereld zelf aangeeft het managment stuk niet aan te kunnen. Dit betekent dus ook dat een externe partij steun moet geven bij verschillende thema’s. Voor een deel komt deze hulp nu door middel van een vechtsportautoriteit, hierover later meer.

Maar, Wendela onderstreept dat de sportsector in Nederland autonoom is en dat dat ook zo blijft. De kickbokssector zal dan ook zelf actie moeten ondernemen en moeten samenwerken om de enkele bond, die vele willen, te krijgen. Om de samenwerking tussen bonden te bevorderen heeft het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de ‘vechtsportautoriteit’ in het leven geroepen. Deze vechtsportautoriteit krijgt geld uit een pot van 500.000 euro die het Ministerie beschikbaar heeft gesteld voor de sector. Van dit budget is de vraag of er nog veel geld van over zijn. Volgens ingewijden is het simpelweg te weinig geld om alles goed mee te regelen.

Geen woorden maar daden

‘Minister Bussemaker roept mensen op tot samenwerking. Toch is het in de praktijk zo dat ze bij de verschillende bonden vooral voor de eigen leden werken en zich daar voor inzetten. En onderling weinig samenwerken. Dit maakt bemiddelen en samenwerkingen extra lastig. Het is een klein wereldje waarin ons kent ons belangrijker is dan te werken aan een duurzame toekomst voor de sport, want dan zijn er sommige mensen hun positie en/of macht kwijt.’

Het ‘knock-out boekje’. Onderstaand een voorbeeld van de WFCA bond.

gecropt ko boekej

Knock-out registratie

Een van de onderwerpen waar eigenlijk iedereen duidelijke afspraken over wil, is volgens Kuper, is het zogenaamde ‘ko-boekje’. ‘Het gebeurd nog te vaak dat iemand knock-out gaat bij een organisatie om vervolgens veel te snel weer bij een bond de ring in te gaan.’

Dit kan niet de bedoeling zijn. Ook al hoort hier ook een stukje eigen verantwoordelijkheid bij, vechters moeten in deze gevallen ook tegen zichzelf beschermd worden. In deze sport kan je maar beter af en toe afgeremd worden dan dat je ernstige hersenschade oploopt en daar later weer mee in de problemen komt. Niemand wordt er blij zien om een levende legende als Mohammed Ali kwijlend en brabbelend een interview te zien geven.

Advertenties